Indiaas dagelijks leven, de indringer, ons werken en meer

Donderdag
Het leven hier begint te wennen. Staan elke ochtend om 7.00 uur op om vervolgens drie kwartier opgepropt in het busje wakker geschud te worden.

We werken de ochtend en hebben daarna de lunch, op de grond, met handen. In de middag evalueren we de lessen, doen we alle regeldingen en maken uitstapjes naar de rivier, of one town (het oude, overvolle deel van de stad). ’s Avonds bij het eten bespreken we onze lessen voor de dag erna die we vervolgens uitwerken. Het wordt een gewoon dagelijks leven waarbij het soms net lijkt of we gewoon in het westen zijn (afgezien van de ratten, de schurftige honden, de apen, de koeien en al die mensen die op straat liggen en leven…maar ook dat went). Dat onze longen voortdurend worden gevuld met allemaal smerige uitlaatgassen en stofwolken van zand valt ook niet meer op. We leren de mensen om ons heen kennen en hebben (na een werkdag) veel plezier met het nadoen van gekke gebitten en rare stemmen. Daarnaast genieten we van de kinderen en het lekkere weer.

In mijn groep is het moeilijk om de kinderen zelf iets te laten verzinnen. Ik werk rond dromen, maar bijna alles lijkt op elkaar (dansen door bloemen, slapen tussen bloemen, bloemen plukken). Toch zie ik langzaam vooruitgang. Vandaag moesten ze zichzelf presenteren met een beweging, en er kwamen warempel verschillende bewegingen! In het spelen van scènes ben ik letterlijk aan het zeggen wat ze moeten doen, vind ik meestal geen leuke manier van werken, maar hier is het wel een goede eerste stap omdat ze hierdoor weten wat ongeveer de codes zijn. Ga morgen proberen om ze zelf kleine stories te laten maken. Dit hebben ze bij de oudere groep ook gezien, dus ze hebben voorbeelden en kennen nu de manier van werken. Ik ben benieuwd. Voor wie het leuk vindt, Tet schrijft haar blog op http://sites.google.com/site/ekdotien/ Doordat zij met de oudere kinderen werkt heeft ze inhoudelijk ander materiaal. Interessant om over te lezen! Gaat meer over de levens van deze meiden, met verwaarlozing, dronken vaders en het missen van hun ouders. Gisteren heeft Tet een soort weerbaarheidstraining gegeven en vandaag heb ik dat op de proef gesteld door heel direct op al die meiden af te lopen. Was erg leuk en ze deden het “stop!” zeer goed!

De afgelopen dagen hadden we wat commotie rondom een medewerker uit dit hotel, wat gisteravond werd afgerond met dat de jongeman door de politie werd meegenomen.
Het begon twee avonden geleden. Ik was bezig met naar bed gaan toen er werd aangeklopt, ik dacht dat het Tet zou zijn, maar het was een jongen uit het restaurant. Hij wilde overduidelijk mijn kamer in. Ik kon hem stoppen in het gangetje en vroeg hem wat hij kwam doen. Een vaag antwoord van ‘food’ maakte het al een beetje gek. Toen ik aangaf dat ik niets hoefde wilde hij weer verder mijn kamer in om de waterkan te vullen. Ik vroeg hem te gaan want ik hoefde niets. Hij gaf me een hand en vroeg mijn naam (dat doen meer mensen hier) dus ik beantwoordde zijn vraag, maar hij bleef mijn hand vasthouden. Ik voelde heel duidelijk dat deze jongen mijn kamer uit moest. Ik trok mijn hand los en zijn complimenten over hoe mooi ik was negeerde ik en vroeg hem om weg te gaan, eerst vriendelijk daarna als een verzoek. Na wat dralen zetten hij een stap naar voren om me vast te pakken. Gelukkig was ik snel in mijn reactie en heb hem de kamer uit gekregen.
Het was vervelend, maar ik was vooral blij dat hij weg was en dat ik een extra slot op mijn deur heb. Tet vond het een groter ding en bij haar stond hij ook ineens in de kamer zonder duidelijke boodschap, dus we hebben het toch maar gemeld. Er werd zeer geschokt op gereageerd, want dit is in India echt not done. Ook bij SKCV werd er geschokt gereageerd en ze zouden de burgemeester (die tevens een vriend is) vragen om het hotel te bezoeken.
De avond erna in het restaurant was diezelfde jongen er weer. Hij bleef steeds staan kijken en smoezen met andere jonge jongens. Ik voelde me steeds onprettiger, maar vond ook dat ik mezelf niet moest aanstellen, want wij zijn hier ook gewoon een bezienswaardigheid. Hoort bij de cultuurverschillen. Na tienen werd er weer aan mijn deur gebeld, ik schrok ervan want ik had niet verwacht dat hij weer zou komen. Ik deed de deur niet open. Hij bleef drie keer bellen, erg lang wachten, proberen of de deur open was (ik had hem gelukkig op dubbel slot) en ging toen weg. Een half uur later kwam hij terug, hetzelfde. Ik smste Tet want ik voelde me zeer onprettig. Tet kwam direct en vertelde dat hij ook bij haar had aan had gebeld en dat hij, toen ze niet open deed, gewoon binnen was gekomen (ze schrok zich rot).
We besloten naar beneden te gaan en het te gaan melden. Alle jongens werden uit het restaurant gehaald en we moesten hem identificeren maar hij was nergens te bekennen. Ze zijn de bewakingsbeelden na gaan kijken en toen we na een half uur weer naar beneden kwamen vertelden ze dat deze jongen helemaal niet op de kamers mocht komen (alleen als er gebeld werd voor roomservice, maar dat hebben wij niet gedaan). Maar we hoefden ons niet meer onveilig te voelen want de politie had hem meegenomen. Dat is wel heel heftig, die jongen is nu zijn baan kwijt en heeft een heel groot probleem. Vind dat best erg, maar ben tegelijk ook blij dat hij weg is en dat het zo serieus werd genomen.

R:  126 G:  255 B:  179 X:39852 Y:    0 S:  108 Zs:   2 Zp:  91 F:  713 I:    0 ImgVer:08.01.09.10 R:  156 G:  255 B:  156 X:39852 Y:    0 S:    0 Zs:   0 Zp:   0 F:  653 I:    1 ImgVer:08.01.09.10 pict3343

Vrijdag
Vandaag de laatste dag in the girls center. Het was heel erg leuk om de ontwikkeling te zien. Aan het begin van de week waren ze voorzichtig, durfden zelf nog niets te verzinnen, keken naar beneden. Nu maakten ze oogcontact (moest ik ze nog wel op wijzen, maar ze deden het bij herhaaloefeningen al uit zichzelf). De bewegingen worden expressiever en ze zijn veel opener in de les. Ze zijn allemaal aan het spelen en genieten daar enorm van. De ontwikkeling zit vooral in contact maken, samen spelen en precies worden, in wat je doet. Ze doen het allemaal nog niet helemaal, maar in vergelijking met waar ze vandaan kwamen is er echt een ontwikkeling. Dat voelt als een cadeau, dat we dat samen hebben kunnen bereiken. Ook de teachers zijn in de loop van de week een stuk opener geworden. Ze grappen over hun mannen die belangrijk zitten te wezen in hun stoelen en niets uitvoeren, ze zijn lichamelijker geworden. In de loop van de week is bij iedereen mijn verhaal bekend geworden, dat was heel bijzonder. Zeker de oudere meiden en de teachers vonden dat heel bijzonder. Een paar oudere meiden wilden precies weten hoe het zat met mijn ouders. Ik heb mijn ouders op foto laten zien, maar vooral dat ik niet weet wie mijn ‘ouders van hier’ zijn vonden ze indrukwekkend. Ik had direct allemaal meiden die mij toe eigenden als “my sister”.

Ik liep even in mijn eentje door de slaapzalen en stelde me voor hoe ik hier zou leven. Het voelt goed om hier zo dichtbij te zijn. Weet niet precies wat het doet, maar het maakt dat ik me completer voel. Het klopt om zowel tussen de meiden te zitten, er (in mijn Indiase kleren) een beetje hetzelfde uit te zien maar tegelijkertijd op mijn westerse manier met ze te werken.
’s Middags hebben we in de class gezeten en daarna zijn mijn handen versiert met henna (door één van mijn sisters).
Nu weekend, ook wel heel fijn want de indrukken houden niet op. Voortdurend veel… alles is hier veel.

Volgende week zullen we in het eerste-fasehuis werken. Dat wordt weer heel anders want die jongens komen net van de straat, en zijn vaak half in the shelter en half op straat. Spannend. Leuk. Maar eerst weekend en zondag een feestdag met alle straatkinderen die in organisaties in Vijayawada wonen. Dit is ter ere van de verjaardag van de man die SKCV heeft opgezet (en is overleden).
Morgen telefoon regelen, wassen, uitslapen en toerist spelen. Heerlijk!

Zaterdag
Dat heerlijk toerist spelen viel een beetje tegen. Ik werd na een brakke nacht met veel buikpijn wakker en ook Tet is al twee dagen niet helemaal fit. Het was een zeer warme dag, waarin we veel dingen geregeld en bijgewerkt hebben. Maar op zo’n dag voel ik wel echt dat we in een grote stad zitten en dat ik daar graag even uit wil. Ik hoest nog steeds en Tet begint al over een dokter. Dat vind ik nog niet nodig, want gezien de smerige lucht hier en AC in AC uit is het best logisch dat het hoesten niet over gaat.
Ik heb wel behoefte aan een terras, of een tuin! Maar dat zit er hier niet in. We hebben wel even op een brug gezeten vandaag (een paar meter van slapende mensen af) maar voor we wisten waren we van toeschouwer weer veranderd tot het middelpunt. Ik kan niet alleen de straat op, echt onveilig is het niet, maar ook niet echt veilig.
Gisteren vond ik onder in mijn tas de adoptiepapieren waarvan ik was vergeten dat ik ze bij me had (er staat een adres op wat ik in Delhi nodig heb). Een klein bruin kindje, met hele grote angstige ogen. Precies 25 jaar geleden was ik nu onderdeel van het straatbeeld van India. Waren er misschien van die gekke westerse mensen die smolten wanneer ze mij bij mijn moeder zagen. Misschien is er wel iemand geweest die ons heeft gefotografeerd, zoals wij hier vele mensen fotograferen omdat ze er zo prachtig en bijzonder uitzien.

R:  126 G:  255 B:  186 X:39852 Y:    0 S:  171 Zs:   1 Zp:  57 F:  714 I:    0 ImgVer:08.01.09.10 R:  150 G:  255 B:  164 X:39852 Y:    0 S:    0 Zs:   6 Zp: 116 F:  498 I:    1 ImgVer:08.01.09.10 R:  166 G:  255 B:  155 X:39852 Y:    0 S:    0 Zs:   0 Zp:   1 F:  692 I:    1 ImgVer:08.01.09.10

Zondag
De verjaardag van Pitatji, de Engelse Matheu die SKCV heeft opgezet en vorig jaar is overleden. Deze man wordt behoorlijk vereerd hier, als de vader van al deze kinderen, met enorme foto’s van hem overal, met kaarsen en ander rituelen. Ik heb er wel een beetje moeite mee, die man heeft natuurlijk fantastisch werk gedaan, maar nu is hij bijna een god geworden. Gelukkig stond vandaag niet in het teken van verering maar in het teken van games en optreden. Ook drie andere ’straatkinderen’organisaties uit Vijayawada waren deze dag aanwezig. Grote schoolbussen kwamen het terrein opgereden en het plein vulde zich met kinderen in uniformen of prachtige jurken. Het geheel deed me een beetje aan Koninginnedag denken, zoals we vroeger dan spelletjes gingen doen op een grasveld. De kinderen genoten, ik vond het erg druk en veel, maar vond het wel lekker om zo een dag buiten te zijn (we zijn meestal binnen). En het was heel leuk om de meiden te zien optreden en dansen. De muziek stond heel hard, alle stemmen zijn erg schel en de hormonen en opwinding van de dag gonsden rond. Er kwam het bericht binnen dat er een baby’tje op het station was gevonden. Dat kindje is nu opgevangen binnen de grootste organisatie, die maar liefst 1000 straatkinderen heeft. En dit gaat alleen over Vijayawada. Het was heel leuk om te ervaren dat we hier nu echt mensen een beetje kennen en wat we in een week tijd met die meiden hebben opgebouwd. Tsja… en dat al dat knuffelen waarschijnlijk luizen op gaat leveren, nemen we dan maar voor lief.

Vanavond zijn we met de riksja naar de grote westerse straat gereden, in de hoop een pizza of iets westers te kunnen vinden. Het eten is namelijk lastig, bij ons beiden vliegen de kilo’s eraf, omdat het deels te heet is en allemaal heel licht voedsel. Wat een bizarre ervaring was dat… de riksja croste door alle bekende straatjes, en reed nog een stuk verder. Ineens, vanuit het niets draaide hij een straat op die zo breed was, zo druk, met zoveel lichtjes/lampjes, hoge grote luxe gebouwen… ik had het gevoel alsof we in een ander land geflitst waren. Tet noemde New York, ik had Tokio. Bizar. Met open mond liepen we door die straat maar elk zijstraatje herinnerde ons eraan waar we waren, daar zitten de mensen weer op straat, bedelen ze, slapen ze. We hebben lekker gegeten, maar wel weer gewoon Indiaas… tjsa, het is hier gewoon niet anders. Terug in de riksja voelde ik de wind langs m’n gezicht, het was nog lekker warm buiten en het was rustig genoeg om een beetje door te rijden. Ik haalde diep adem en voelde me gelukkig. Dankbaar voor alle ervaringen van deze week, dankbaar voor de mooie ontmoetingen, dankbaar voor de ontroering, de lieve kinderen, dankbaar dat mijn heimwee over is, dankbaar dat ik alles mag meemaken, dankbaar dat Tet naast me zat. Wat een rijk gevoel!

Nu ga ik slapen. Werd vanochtend wakker met een kakkerlak in mijn bed, dus ben benieuwd hoe het zit met overgave aan deze nacht J. Morgen starten we in the shelter, bij de echte straatratjes.

Maandag
Af en toe ben ik bang dat ik teveel schrijf, maar ja, mensen die het niet meer interessant vinden stoppen vanzelf met lezen. Vanochtend begonnen in the shelter (eerste fase). Dat was nog eens andere koek dan de veiligheid die er in het meisjeshuis heerst. Deze jongens staan nog met één (of anderhalf) been in het straatleven, veel zijn zwakbegaafd en de leeftijd varieert van 6 tot 18. Pittig dus. De jongens zijn nog niet schools en ik vond de onveiligheid in de groep zeer aanwezig. Tet en ik hadden al vooraf besloten dat we deze week samen zouden doen, en dat vond ik vandaag extra fijn. Het was heel duidelijk te merken dat alles wat we deden nieuw was, ze vonden het gek en erg spannend. De scène “police and bad boy” werkte goed. Daarbij was te zien dat ze deze statussen kende. Ook schijnvechten was leuk. Het was een beetje een gekke les, deze 1,5 uur leek vele malen langer te duren dan de 2,5 uur bij de meiden en het was onrustig met kinderen die wegliepen en al dan niet weer terug kwamen. Het was moeilijk communiceren, ook omdat we weinig kregen van de docent die erbij was (en volgens mij ook de helft niet begreep). Later spraken we met KP en hij heeft ons een aantal tips gegeven over hoe verder. Zijn tips zijn wel veel meer dramathearapie-achtig, maar door dat gesprek werd onze blik wel weer verbreed. Hij gaf aan dat deze kinderen zo afgesloten zijn, dat elke vorm van emotie oproepen (zelfs al is dat op vorm) een hele achtergrond aan herinneringen meebrengt. Simpel voorbeeld: een scène waarin de één een ijsje heeft, de ander het wil en uiteindelijk het ijsje afpakt en opeet. KP zei dat zo’n scène al veel kan oproepen – op het station rondzwerven en allemaal mensen met ijsjes zien en weten dat jij dat never zal krijgen. En dan hebben we het nog alleen maar over een ijsje. Heftig. Het straatleven voelen, de overleving waar die jongens nog helemaal inzitten. Na onze les gingen ze een paar Bollywood-nummers zingen. Het duurde een hele tijd voor het op gang kwam, want eigenlijk durfden ze niet maar wilden weer wel. Ondertussen werd er een hoop heen en weer gepraat in Telegu, ik begreep er niet veel meer van en zat ook wel een beetje vol. Toen kwam toch de kleine jongen in de kring staan, met zijn armen voor zijn borstkas geslagen en ogen die overal heen flitsten (als het maar niet naar mensen was) begon hij met een heel zacht helder stemmetje te zingen. Ik keek en luisterde naar hem en probeerde me voor te stellen hoe zijn leven er hiervoor had uitgezien… De jongen die niet (goed) kan praten stond op… zwakbegaafd, misschien licht verstandelijk gehandicapt… alle andere jongens begonnen al met uitlachen nog voor hij begon met zingen. Toch begon hij, dappere jongen. Zijn stem klonk een beetje vals maar hij kende het nummer goed. Zijn ogen zochten een focus. Ik keek opzij en zag dat ook Tet met tranen in haar ogen zat. Naast me deelde ik een (niet harde) tik uit aan een klein jong die niet ophield met lachen. Wat een verschil met de veiligheid van die meiden. Wat een beschadigde kinderen zitten hier, die nog zo dicht bij alle ellende zitten. En wat betekent spel nou eigenlijk voor hen, komt er iets binnen wat een positief gevoel oplevert? KP zegt dat het juist heel goed is om met deze jongens zo te werken, ze moeten alles nog leren en door middel van spel kunnen ze dingen ervaren en leren verwoorden. Spannend hoe het morgen gaat.
Vanavond gaan we waarschijnlijk naar het station.

Oh en ik heb nog helemaal niet verteld dat we de ochtend begonnen bij onze buren. Een gezin (of twee gezinnen) die op straat leven met hun kinderen, hun spiegel, Christuskalender en tandenborstels. We komen er elke dag langs en vandaag zijn we bij ze gestopt met ons elastiek. Tip tap top, op staat. Ze vonden het heel erg leuk, ik stikte zo’n beetje in al het opwaaiende stof maar vond het fantastisch om op m’n blote voeten, met hen, op straat dit oude kinderspel te spelen.
Als we hebben gegeten in het hotel blijft er altijd heel veel over, vanaf nu gaan we dat eten in doosjes laten doen en aan die gezinnen die we dagelijks zien, geven. Dat schijnt meer te gebeuren. Ik had even een gevoel van dat dat ook wel arrogant is, maar anders wordt het weggegooid en nu kan er een gezin van eten.

Op het station.
Poeh, het begin van deze blog – het leven hier begint te wennen – is vandaag toch weer behoorlijk teniet gedaan. Vanavond op het station… onze SKCV-man met wie we daar zouden zijn had het heel druk met politie en regelzaken i.v.m. het baby’tje wat gister is gevonden. Wij kwamen in een klein hokje te zitten waar verschillende mannen zaten die ook op het station werkten. Ze vertelden dat het soms heel druk was met kinderen die zelf kwamen of die ze rond het station vonden en dat het andere dagen rustig was. Wat een drukte op dat station, overal mensen, veel geluid, ik kreeg wederom zeer veel aandacht (in Telegu). Met een denkbeeldig gordijntje om me heen kon ik het daar wel uithouden, kijkend naar al die mensen terwijl ik het geluid van me af liet glijden. De eerste jongen kwam aan, even een praatje maken. Hij liet ons de rookwaren zien die hij voor drie rupee in de trein verkoopt.. Slapen doet hij op het station. Iets later kwam er een andere jongen aan, hij showde ons, van zeer dichtbij, de stomp waar ooit zijn voet had gezeten. Eén van de mannen vertelde dat deze jongen zelf zijn voet onder de trein had gelegd om zo meer kans te maken op geld bij het bedelen. Tet trok wit weg van misselijkheid. Ik was vooral in shock van de kleine jongen die totaal overstuur bij ons binnen kwam en zicht op de grond liet vallen. Hij werd even getroost en toen met duidelijke hand weer buiten gezet, hij had namelijk gebruikt en was daardoor gaan trippen en nu aan het flippen.
Het was genoeg realiteit voor ons. Terug op een fietsriksja met een veel te oude man die ons moest trappen, werden we nog bijna omver gereden door een bus, waarna we in het hotel te horen kregen dat ‘de indringer’ is geslagen en ontslagen.

Genoeg India voor vandaag. Gordijnen dicht, kakkerlakken door de wc spoelen en muziek in de oren. Wat een land…